Redactioneel – Andrew Switzer

Welkom in het Jaar van de Ruimte

 

Over iets meer dan een week is het zo ver. Op 1 januari begint het Jaar van de Ruimte. Het jaar 2015 was ooit de planningshorizon voor de Vierde Nota en voor haar opvolger VINEX. Vol zelfvertrouwen werden deze nota’s in televisiespotjes aangekondigd met de woorden ‘Nederland in 2015, daar wordt nu aan gewerkt’. Wie door Nederland reist kan de aanzienlijke impact die deze ambitieuze beleidsnota’s hebben gehad op ons land niet ontgaan. In alle hoeken van het land kunnen vinexwijken worden bewonderd of betreurd.

 

Van het zelfvertrouwen van toen lijkt anno 2014 weinig over. Het is toepasselijk dat de vraag die in het Jaar van de Ruimte centraal staat ‘wie maakt Nederland?’ is. Het is namelijk niet meer vanzelfsprekend dat de overheid dit doet. Deze trekt zich steeds meer terug. Haar rol wordt nu steeds meer gezien als facilitator van initiatief. Dit stelt de overheid voor een moeilijke opgave, want ook al klinkt het woord initiatief goed, niet alle initiatieven zijn positief. Bovendien moet de overheid ook de belangen van diegenen behartigen die geen initiatief kunnen of willen nemen. Zij moet waken dat het algemeen belang gediend wordt, wat dat ook precies zij. Dezelfde partij moet dus zowel faciliteren als tegenwerken.

 

In deze Rooilijn wordt een voorschot op het debat genomen over wie het Nederland van 2040 moet maken en hoe dit moet gebeuren. Een bescheiden overheid ten aanzien van haar rol, maar wel een die durft te experimenteren, is de strekking van het merendeel van de artikelen. In wijken kunnen sociale professionals een bijdrage leveren aan de integratie. Een actief grondbeleid moet blijven bestaan maar dient zich op het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit te richten. De bezuinigingen en decentralisatie kunnen ook als kans worden gezien om een nieuw maatschappelijk arrangement te ontwikkelen waarin de overheid zich tot taken beperkt waarbij zij duidelijk een meerwaarde levert. En om kantorenleegstand aan te pakken is een verandering van cultuur, denkwijzen en routines onder alle partijen nodig. Maar eerst moeten ze dit besef delen.

 

Het soort verandering wat wordt voorgesteld vergt experimenteren, reflectie en weer nieuwe experimenten. Daarnaast blijft het de vraag of duurzame verandering zal plaatsvinden wanneer de conjunctuur weer aantrekt en het zelfvertrouwen weer toeneemt. Net zoals de discussie voorafgaand aan de Vierde Nota (Extra) grote invloed heeft gehad op de aanblik van Nederland in 2015, zal het huidige debat in grote mate bepalen hoe het Nederland van

2040 eruit ziet.

 

De redactie van Rooilijn wenst u een inspirerend Jaar van de Ruimte!

 

 

Andrew Switzer

Interim-hoofdredacteur Rooilijn (a.w.switzer@uva.nl)