Redactioneel – Duurzame urgentie

Het was pas toen er iemand mijn kamer op de Rijksuniversiteit Groningen kwam inspecteren op aardbevingsbestendigheid, dat de urgentie van het probleem van de aardgaswinning echt tot mij doordrong. De boeken mochten niet langer op de hoogste planken van de kast staan, omdat ze wanneer de grond zou gaan trillen, op mij en mijn kamergenote zouden kunnen vallen. Maar ook nadat ik me bewust was geworden van de onaanvaardbare gevaren die ontstaan zijn door meer dan vijftig jaar boren in de bodem, ontbrak het me aan een duidelijk handelingsperspectief.

 

Dat komt omdat het gaat om een probleem van collectieve actie, waarbij mensen bij urgente problemen die iedereen treffen toch op elkaar gaan staan wachten, ondanks dat ze beter af zouden als ze subiet de handen ineen zouden slaan. Dat is niet omdat ze te suf zijn, maar vanwege de aard van het probleem; als ze als individuen aan de slag gaan om het op te lossen, kunnen anderen zonder zich in te spannen gratis meeprofiteren. De klassieke oplossing van dit probleem ligt in de rol van de staat, die alle betrokkenen kan verplichten om mee te werken, en de lusten en lasten eerlijk kan verdelen.

 

De tragedie van de Groningse gaswinning is echter een miniatuurversie van het wicked problem van de klimaatverandering. In beide gevallen gaat het om een specifieke vorm van een probleem van collectieve actie, waarbij de kosten en baten van het collectieve goed niet evenredig verdeeld zijn over tijd en ruimte. Er is bovendien geen overkoepelde overheid die alle betrokken kan of wil dwingen tot een eerlijke verdeling van de lusten en de lasten van het collectieve goed. En vaak ontbreekt het de verliezers, zij die in de verkeerde gebieden wonen, aan politieke macht om hier iets aan te doen.

 

Met dit themanummer van Rooilijn willen we de urgentie van de duurzaamheidsopgave benadrukken, en onderzoeken we de stand van zaken bij gebiedsontwikkeling.

 

Carla Huisman
Eindredacteur Rooilijn (c.j.huisman@tudelft.nl)