Redactioneel – Integraal zoeken

Door Melika Levelt

Ooit schreef ik met een studiegenoot over de Provinciale Omgevingsvisie. We waren kritisch en gaven het stuk als titel ‘De wereld in één plan’. Niets mis met de ambitie om sectoraal beleid te doorbreken en meer integraal naar ruimtelijke vraagstukken te kijken, maar waar lagen de grenzen van de integratie van belangen en sectoren? We dachten dat de balans van integraal wel weer terug zou zwiepen naar sectoraal.

 

Dat hadden we mis, dacht ik toen ik de bijdragen in dit nummer las. Gerdy Verschuure-Stuip beschrijft hoe bij de bescherming van buitenplaatsen steeds grotere structuren in beeld zijn gekomen en daarmee steeds meer belangen. Die moeten integraal in balans worden gebracht. Like Bijlsma en Leo Pols pleiten ervoor de integrale blik ook eens op de stadrand als zelfstandige ruimtelijke categorie te werpen zodat ruimteclaims uit stad en land tegen elkaar afgewogen worden. De zoektocht naar methoden om alle belangen in beeld te krijgen als voorwaarde voor een integrale benadering is nog niet ten einde. Korrie Melis en Hilde Wierda- Boer beschrijven de methode DNA van het dorp. Karin Peeters laat zien hoe sociologisch onderzoek eveneens kan leiden tot een beter zicht op het dorp als startpunt voor ontwikkeling. Hedwig van der Linden en Tom Daamen tonen hoe ontwerpend onderzoek bij  gebiedsontwikkeling in steden tot een integraler begrip van de opgaven en mogelijke oplossingen kan leiden.

 

Mijn voorzichtige antwoord op de vraag naar de grenzen van integraal werken, na lezing van het nummer: de manier van kijken (zie je de stadsrand, de buitenplaatszone, of “het dorp als gemeenschap”) beïnvloedt sterk de aspecten die je integraal wil meenemen. Wie van een ander beeld uitgaat, ziet iets anders ontbreken. Wat dit betekent voor de ruimtelijke professional? Hilde Blank zegt in het interview dat ontwerpers over schalen heen moeten kijken, een bredere blik ontwikkelen, nieuwsgierig zijn. Buiten het eigen integrale beeld zoeken, dacht ik. Deze Rooilijn nodigt daar hopelijk toe uit.

 

 

Melika Levelt

Hoofdredacteur (m.levelt@hva.nl)