Deelscooters zijn een blijvertje

26 juni 2022

Deelscooters zijn succesvol. Ze worden veel en frequent gebruikt blijkt uit de evaluaties van gemeenten. Nou ja, delen? Het zijn natuurlijk huurscooters. Gemeenten ondersteunen de aanbieders met gratis openbare ruimte, propaganda, vergunningen, veel tijd van ambtenaren en geld onder het heilige motto dat deelmobiliteit goed is voor de leefbaarheid.

En, wat krijgen de bewoners? Die krijgen de scooters voor hun deur op de volle stoep. De hashtag #felyxchallenge op de sociale media laat de onbalans tussen lusten en lasten zien. De aanpak van deelscooters moet terug naar de tekentafel. Wat zouden gemeenten doen als ze beseffen dat een deelscooter per jaar € 10.000 oplevert voor de aanbieders? Delen is het nieuwe vermenigvuldigen. Maar, wat als delen het nieuwe nemen is? Het beeld van jonge, arme zolderkamerondernemers klopt niet. Het gaat om groot geld.

Er zijn grote verschillen tussen de aanpak in gemeenten; van restrictief en regulerend tot stimulerend en laissez-faire. Groningen, Amsterdam, Utrecht, Rotterdam en Den Haag scoren ‘voldoende’ op de kwaliteit van hun besluitvorming. Vooral kleinere gemeenten zijn naïef. Hier rommelden wethouders de besluitvorming er in een recordtijd, ondanks bezwaren van ambtenaren en bewoners, doorheen. Vaak onder grote tijdsdruk, overhaast en zorgvuldig gesouffleerd door de aanbieders en zonder inspraak- of zienswijzenprocedures. Van een serieuze belangenafweging was geen sprake. Als er al een inspraakprocedure was, dan werden de vele bezwaren terzijde geschoven.

Elke gemeente maakt andere afspraken met de aanbieders. De meeste contracten zijn juridisch boterzacht (geen sancties, geen boetes, geen harde afspraken, geen meetbare prestatie-indicatoren). Gemeenten laten de aanbieders zelf handhaven op overlast en daarover rapporteren en geven daarmee aanbieders vrij spel.

De gemeenten Rotterdam, Amsterdam, Den Haag en Groningen hebben de eerste evaluatie achter de rug met duidelijke lessons learned over handhaving, data, voertuigplafonds, parkeerplekken versus freefloating en de aanpak van vervoersarmoede (zie ook de Leidraad gemeentelijk beleid voor deelmobiliteit). De boodschap na drie jaar deelscooters op de stoep is: zorg voor een goed onderbouwd deelmobiliteitsbeleid, zet concrete en meetbare doelen neer en regel de afspraken met de aanbieders veel beter. Hoe ga je reguleren, afstemmen, stimuleren, faciliteren en experimenteren? Bedenk vooraf: wat worden de burgers en ondernemers daar beter van? De vele duurzaamheidsclaims zijn nog nergens aangetoond. Niet in Nederland en niet daarbuiten.

De openbare ruimte verrommelt door de deelscooters op de stoep. Gemeenten hebben nog geen instrumenten om de aanbieders te laten betalen voor het gebruik van de openbare ruimte en parkeerplekken. Maak daarom eerst ook beleid voor het gebruik van de openbare ruimte voor bijvoorbeeld deelmobiliteit. Het is ruimte van ons allemaal en daarmee eigenlijk van niemand. Wat heeft prioriteit? Kies je voor verplaatsen of kies je voor verblijven?

Het maken van spelregels voor de openbare ruimte is lastig. Kun je dat wel ‘top-down’ organiseren? Stadsgeograaf Gerben Helleman vroeg op zijn blog Stadslente zich eerder af of de openbare ruimte minder openbaar is dan we soms denken: “Een openbare ruimte is immers levendig als deze voor iedereen toegankelijk is en naar gelang de behoeften vrij kan worden gebruikt. Een goede openbare ruimte is dus flexibel en biedt zowel ruimte aan veranderingen door de jaren heen als in de loop van de dag. Hoe meer we de openbare ruimte van bovenaf gaan plannen en vooraf van een bepaalde betekenis gaan voorzien, hoe minder die openbare ruimte kan floreren en kan doen waarvoor het bestemd is: toegankelijk zijn voor meerdere groepen en doeleinden”. Over de plaats van deelscooters in de openbare ruimte zijn we nog niet uitgesproken. Maar een blijvertje zijn die scooters wel. Wen er maar aan.

Author profile
Walther is bedrijfseconoom en lector Citylogistiek aan de Hogeschool van Amsterdam

Dr Walther Ploos van Amstel, HvA Faculteit Techniek is sinds september 2014 lector Citylogistiek aan Hogeschool van Amsterdam.
Hij was hoogleraar logistiek aan de Nederlandse Defensie Academie in Breda en Den Helder van 2002 tot en met 2009. Hij was meer dan 25 jaar werkzaam als organisatie-adviseur op het gebied van logistiek, supply chain management en internationale distributie. Hij richt zich op logistieke procesinnovaties, samenwerking in logistieke ketens en netwerken, servicelogistiek, duurzame logistiek, ketenregie en zero emissie stadslogistiek.

Walther is lid van de stuurgroep van de Green Deal Logistiek in de Bouw en de Green Deal Zero Emissie stadslogistiek en ambassadeur van de PraktijkProef Amsterdam (verkeersmanagement).

Author profile
Walther is bedrijfseconoom en lector Citylogistiek aan de Hogeschool van Amsterdam

Dr Walther Ploos van Amstel, HvA Faculteit Techniek is sinds september 2014 lector Citylogistiek aan Hogeschool van Amsterdam.
Hij was hoogleraar logistiek aan de Nederlandse Defensie Academie in Breda en Den Helder van 2002 tot en met 2009. Hij was meer dan 25 jaar werkzaam als organisatie-adviseur op het gebied van logistiek, supply chain management en internationale distributie. Hij richt zich op logistieke procesinnovaties, samenwerking in logistieke ketens en netwerken, servicelogistiek, duurzame logistiek, ketenregie en zero emissie stadslogistiek.

Walther is lid van de stuurgroep van de Green Deal Logistiek in de Bouw en de Green Deal Zero Emissie stadslogistiek en ambassadeur van de PraktijkProef Amsterdam (verkeersmanagement).

Column gegevens:
jaargang 54 /

26 juni 2022

De tekst en tabellen in deze bijdrage zijn gepubliceerd onder een CC-BY-SA-ND licentie. Voor hergebruik van foto’s en illustraties dient u contact op te nemen met Rooilijn.
Whatsapp

Reageer op deze column

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.