Jg. 51 / Nr. 3 / 2018

Redactioneel – La dolce vita

Redactioneel La dolce vita Door Carla Huisman Hartje zomer. Eindelijk rust. De Kamer is met reces, de helft van de winkels zijn gesloten en de kantines op de universiteiten en in de stadhuizen zijn ook dicht. Het jaar heeft een ritme, en tegenover de frisse moed van september, het gestage zwoegen in oktober en november, […]

Lees meer →

Redactioneel

La dolce vita

Door Carla Huisman

Hartje zomer. Eindelijk rust. De Kamer is met reces, de helft van de winkels zijn gesloten en de kantines op de universiteiten en in de stadhuizen zijn ook dicht. Het jaar heeft een ritme, en tegenover de frisse moed van september, het gestage zwoegen in oktober en november, en de einde-van-het-jaar-stress die eind april begint en zo midden juni een hoogtepunt bereikt, staat de ontspannenheid van de zomer. Een goed moment om te reflecteren op het afgelopen jaar. Wat ging goed, wat ging minder goed, en hoe verhoudt dat zich tot ons lange-termijndoel? Maar misschien is dit al te veel, moeten we eerst maar een flink uitrusten van alle inspanningen, en onszelf niet meteen een nieuwe taak opleggen.

U kunt rustig achteroverleunen en tot u nemen wat de schrijvers in dit nummer allemaal met veel gezwoeg hebben bedacht en opgeschreven. Bijvoorbeeld over hoe het van overheidswege stimuleren van het eigenwoningbezit de economische ongelijkheid in Europa heeft bevordert, maar dat dit niet overal hetzelfde uitpakt vanwege verschillen in overheidsregimes. Barend Wind concludeert dat herregulering van de woonmarkt een veelbelovend pad is: lees zelf welke argumenten hij hiervoor aandraagt. Of verdiep u in wat onze Vlaamse collega’s ontdekten over bottom-up projecten waarbij straten tijdelijk door bewoners zelf worden heringericht. Wat klinkt als een gezellig en vooruitstrevend buurtproject, roept bij bewoners die al langer in de buurt wonen sterke gevoelens van verdringing door gentrificatie op. Deze keer ook twee artikelen met een meer juridische inslag, waarbij een opvallende bevinding van Van Schaick en Bos is, dat zij geen voorbeelden konden vinden waarbij meer flexibiliteit leidde tot aantoonbaar betere omgevingskwaliteit. Sla tenslotte ook de column niet over, want O. Naphta analyseert weer eens vlijmscherp waar het misgaat, dit keer met bestuurders die in de pot met blij aanpakjargon zijn gevallen.

De volgende Rooilijn verschijnt in het najaar, wannneer de bomen al weer aan het verkleuren zijn en de herinnering aan eindeloze dagen met strakblauwe luchten al weer verdwenen is. Vergeet daarom niet even pause te nemen, en geniet nog van de zomer.

Carla Huisman

Eindredacteur Rooilijn (c.j.huisman@tudelft.nl)

 

Lees minder

Achtergrond – Barend Wind: De koopwoning als ongelijksheidsmotor

Achtergrond De koopwoning als ongelijkheidsmotor Door Barend Wind Onder invloed van beleid is het eigenwoningbezit in de meeste Europese landen sinds de Tweede Wereldoorlog flink gestegen. Welke sociale groepen hebben hiervan kunnen profiteren? Wie heeft vermogen kunnen opbouwen? Uiteenlopende landen hanteerden andere strategieën met een verschillende verdeling van woonvermogen als gevolg. Wat leert dit over […]

Lees meer →

Achtergrond
De koopwoning als ongelijkheidsmotor

Door Barend Wind

Onder invloed van beleid is het eigenwoningbezit in de meeste Europese landen sinds de Tweede Wereldoorlog flink gestegen.
Welke sociale groepen hebben hiervan kunnen profiteren? Wie heeft vermogen kunnen opbouwen? Uiteenlopende landen hanteerden
andere strategieën met een verschillende verdeling van woonvermogen als gevolg. Wat leert dit over de manier waarop overheden op een zinvolle manier kunnen interveniëren? Welke lessen kunnen getrokken worden op basis van beleid uit andere tijden en plaatsen?

Lees het hele artikel hier.

Lees minder

Interview – Tjakko Dijk: ‘ Het bouwen van woningen is de uitdaging niet maar het behouden van een geode stedelijke structuur is dat wel. ‘

Tjakko Dijk zwaait af na tien jaar actieve volksvertegenwoordiging in de Amsterdamse gemeentepolitiek. Hij was VVD-woordvoerder ruimtelijke ontwikkeling en wonen in de stadsdelen Bos en Lommer en West en de laatste jaren raadslid in de gemeenteraad van de Centrale Stad. Na de recente gemeenteraadsverkiezingen heeft hij de politiek vaarwel gezegd en richt hij zich op […]

Lees meer →

Tjakko Dijk zwaait af na tien jaar actieve volksvertegenwoordiging in de Amsterdamse gemeentepolitiek.
Hij was VVD-woordvoerder ruimtelijke ontwikkeling en wonen in de stadsdelen Bos en Lommer en West en de laatste jaren raadslid in de gemeenteraad van de Centrale Stad.
Na de recente gemeenteraadsverkiezingen heeft hij de politiek vaarwel gezegd en richt hij zich op het adviseursvak bij het ruimtelijke adviesbureau Over Morgen.
We vragen Tjakko Dijk naar zijn ervaringen in de gemeentepolitiek en zijn visie op de rol van gemeenteraadsleden in hetruimtelijke ontwikkelingsdomein.

Lees het hele interview hier.

Lees minder

Column O. Naptha – De wethouder

Column O. Naptha De wethouder Ik heet jullie allen hartelijk welkom op deze MAAKZaanstad. Dit wordt superleuk, een middag vol uitdagingen, want hier in Zaanstad zijn megaveel kansen. Ik heb dan ook veel redenen om trots te zijn op deze stad waaraan jullie vanmiddag gaan werken. Ja, ik hoop dat jullie met elkaar iets gaat […]

Lees meer →

Column O. Naptha

De wethouder

Ik heet jullie allen hartelijk welkom op deze MAAKZaanstad.
Dit wordt superleuk, een middag vol
uitdagingen, want hier in Zaanstad zijn megaveel kansen.
Ik heb dan ook veel redenen om trots te zijn op deze
stad waaraan jullie vanmiddag gaan werken. Ja, ik hoop
dat jullie met elkaar iets gaat MAKEN, wat wij meteen
kunnen oppakken. Want er zijn hier kansen te over.
En wat zijn kansen? Ik noem ze: een rijtje huizen dat
op instorten staat, een braakliggend terrein, een leeg
fabrieksgebouw, een verlaten kantoorpand. Als je hier
rondrijdt dan kom je ze tegen. Ik zeg wel eens Zaanstad is
een pure KANSENSTAD. En wat zijn kansen? Wij noemen
ze hier laaghangend fruit. Je kunt het plukken zonder
bukken. En het is ook helemaal niet ingewikkeld. Toen ik
pas begon stoorde ik me er wel eens aan al dat gepraat
over ingewikkelde situaties en moeilijke oplossingen.
Gewoon doorpakken, dat werkt goed.

Maar wat we niet meer doen is goedkope oplossingen.
Nee, goedkoop dat doen we niet meer. Je moet eisen
stellen aan je eigen identiteit en dingen maken om die
identiteit te versterken. Hoe doen we dat? In de eerste
plaats hebben wij de Volendamnorm overboord gezet.
Wij willen niet in een nepstad wonen. Wij willen niet
klakkeloos kopiëren wat ergens anders wordt gedaan
en aandacht trekt. Wij willen geen ratjetoe van geleende
identiteiten. Daar voelt de Zaankanter niet voor en
daar voelt niemand zich in thuis. Je kan je d’r niet mee
identificeren. Ik denk dat wij tien jaar geleden de goede
weg zijn ingeslagen met het terughalen van de Zaanse
architectuur in ons nieuwe stadscentrum. Tot uit Japan
komen er dagelijks mensen kijken die willen weten
hoe je dat doet. Dat is aanknopen bij je tradities om je
identiteit te versterken. Het antwoord is eigenlijk simpel.
Je bouwt door op de tradities van je streekgebonden
architectuurtaal. ’t Was toen een kwestie van keuzes
durven maken. Nu is het een kwestie van durven
volhouden. Als wethouder ben ik de risicomanager die er
voor moet zorgen dat we niet van het padje raken. Dat is
mijn verantwoordelijkheid als politieke procesapproacher.

Jullie gaan je straks buigen over locaties die wij
beschouwen als laaghangend fruit. Die MAAK-locaties
liggen over de hele stad verspreid, vooral langs de
rivier. Want wij hebben een groot voordeel: overal
is hier water waar je wat mee kan doen. Wij vinden
het belangrijk dat de programma’s voor die gebieden
uitdrukking geven aan onze ambities, ambities die onze
stedenbouwkundige waarden vertegenwoordigen. Ook dat
is niet supermoeilijk. Ik zie het zo: een stedenbouwkundige
waarde is ambitie maal gebruik maal kwaliteit. Dat is dus
een kwestie van verbinden van wat je wilt met wat je kunt.

Een belangrijke vraag voor vanmiddag is deze: ‘van wie is
de stad nou eigenlijk?’ Daarbij moeten jullie bedenken dat
bij ons een discussie loopt over hoogbouw. Is dat nodig?
Waar kan dat? Hoeveel? Voor wie? En ook: hoe hoog? Wij
zijn daar nog niet helemaal uit, maar wij denken wel dat je
in ieder geval je hoogbouw moet doseren. En daarom ben
ik benieuwd naar jullie bijdrage. Het mag de authenticiteit
van een gebied niet aantasten, maar moet die juist
ondersteunen en daar waar nodig versterken.

Ik wil graag afronden met het volgende. Wij hebben
hier in Zaanstad de circulaire economie hoog in het
vaandel staan, juist ook voor en door de ontwikkeling.
Wij nemen daarom geen genoegen meer met makkelijke
standaardoplossingen, want wij willen in 2030 de
duurzaamste stad van Nederland zijn.
Tot de tanden toe gewapend met dit supergave
welkomstwoord gingen wij in de werkwinkels
groepsgewijs laaghangend fruit plukken.

Lees minder